Directrice Jamie Visser van Het Praktijkcollege in Rotterdam vertelt…

Directrice Jamie Visser van Het Praktijkcollege in Rotterdam vertelt…

‘De samenwerking met andere scholen opent deuren voor onze leerlingen’

Jamie Visser, directrice van scholengemeenschap Het Praktijkcollege (HPC) in Rotterdam, heeft maar één doel. Ze wil dat al haar leerlingen met waardevolle en erkende certificaten of diploma’s op zak naar arbeid uitstromen. “Hoe ambitieus we ook zijn, ik realiseerde me dat er meer nodig was om die doelstelling te behalen. Gelukkig kwam ik in contact met Learn2Work, en maakte ik kennis met het TOP Academie-concept met al haar schooloverstijgende mogelijkheden. Door die samenwerking bereiken we nu dingen die ik anders niet voor elkaar had gekregen.”

In het verleden werd HPC Centrum meerdere malen als ‘zeer zwak’ aangemerkt door de Onderwijsinspectie. Geen fijne boodschap, maar wel een extra motivator om op zoek te gaan naar andere paden dan het geijkte, zo laat Visser weten. In 2014 kwam ze in contact met Learn2Work en besloten ze samen om de tafel te gaan zitten. “Ik had inmiddels de ambitie om van HPC Centrum een excellente school te maken. Een uitdaging, maar juist omdát de school in een ontwikkelflow zat, was er ruimte voor verandering. In 2015 − ik was toen nét locatiedirecteur − durfde ik de sprong te wagen. De TOP Academie geeft ons nu meer mogelijkheden tot inspelen op het individu. Want als wij 3 leerlingen voor een bepaalde richting hebben en een andere deelnemende school ook, kunnen we samen aan de slag. Die samenwerkingen met andere scholen opent deuren.”

De invloed van de TOP Academie binnen de eigen scholengemeenschap

In 2011 onderzocht Visser al intern of ze de stages anders kon gaan organiseren. “We wilden iets met certificeringsmogelijkheden doen. Maar eer we alles in huis hadden gehaald om te kunnen certificeren, waren de spullen alweer redelijk achterhaald. En het gaat soms om enorme installaties; apparaten voor de groothuishouding bijvoorbeeld. Een onhaalbare kaart. We doen veel aan de grotere branchecertificaten, maar iedere leerling een ander certificaat aanbieden, is gewoon niet te doen. Ik kan niet zomaar even een sluisdeur in huis halen omdat een enkeling die voor zijn opleiding nodig heeft. Daar hebben we het werkveld voor nodig.”

‘Stilstaan is achteruitgaan’, zo ziet Visser het. “Het kan altijd beter en meer. En dus durfde ik deelname aan de TOP Academie wel aan. Sommigen zullen zoiets misschien als een flinke stap zien, maar het is maar hoe je naar de situatie kijkt. Want of ik mijn docenten nu inzet op school of in de praktijk laat ondersteunen…” Deelname blijkt inmiddels ook een manier om haar docenten anders tegen hun vak en hun lessen aan te laten kijken. “Door hun ondersteuning in de praktijk begrijpen ze het bedrijfsleven waarvoor ze de leerlingen opleiden veel beter. En het biedt nieuwe uitdagingen. Als een leerling tijdens een stage een stelpost moet maken voor de afwerking van een kozijn, zoekt de docent een manier om die informatie duidelijk aan te bieden. Dat is goed voor het onderwijs en houdt het eigen werk voor de docent interessant. Een win-winsituatie dus!”

De TOP Academie maakt leerlingen volwassener

En dus maakt HPC inmiddels alweer enkele jaren onderdeel uit van een fors aantal TOP Academies. Onder meer de TOP Academies Hago Zorg, SVO Food en Verhage. Met succes. “Wat mij vooral aanspreekt, is dat leerlingen het daadwerkelijke vak met behulp van vakmensen leren. Ze krijgen waardering vanuit het werkveld en groeien qua zelfvertrouwen. En het levert ze daarnaast een stukje perspectief op. Ze zien wat ze kunnen als ze zich ergens toe zetten. Die wetenschap is ontzettend belangrijk voor de rest van hun leven.”

Geen leerling is hetzelfde en het traject blijkt voor sommige deelnemers best zwaar, maar veel leerlingen worden toch echt een stuk volwassener gedurende het TOP Academie-traject, zo merkt Visser. “Ze gaan meer in oplossingen denken en doen werknemersvaardigheden op. Dan komen ze ook op school opeens op tijd. Vaak een hele verandering ten opzichte van hoe de situatie eerst was”, vertelt ze lachend.

Het branchecertificaat helpt in de toekomst

En dan is er nog het branchecertificaat. Dat is waar het voor directrice Visser allemaal mee begon. “Het helpt ze zonder twijfel op de arbeidsmarkt. Ze kunnen er de wereld mee in.” Ze voegt toe: “Ik durf te stellen dat de arbeidsmarktkansen van jongeren groter worden met een opleiding aan de TOP Academie achter de rug. Via dit programma krijgen ze de juiste papieren en hebben ze al ervaring in een specifiek vakgebied opgedaan, nog voordat ze het werkveld ingaan.”

“De uitstroommogelijkheden verschillen natuurlijk erg per sector. Dat iedere leerling er met een baan uitkomt, is een utopie. Dat is immers van veel factoren afhankelijk. Maar alleen al een grote bedrijfsnaam op je cv levert voor je verdere loopbaan een megawinst op. En het certificaat is iets waar ze ontzettend trots op mogen zijn.”

Motiveren en enthousiasmeren voor het grotere ideaal

Totdat haar ideaalbeeld bereikt is, blijft Visser motiveren en enthousiasmeren. Niet alleen de leerlingen, maar ook haar personeel. “We proberen onze docenten die bij de TOP Academie betrokken zijn met regelmaat een podium te geven om erover te vertellen en hun successen te delen. Tijdens vergaderingen of teamuitjes bijvoorbeeld.” En dat blijkt een gouden greep. “Sommige docenten waren in eerste instantie niet zo happig op deelname. Maar tegenwoordig willen ze juist heel erg graag. Er zijn er zelfs die bij wijze van spreken op hun vrije dag nog leerlingen op hun stageplaats bezoeken. Dat is geweldig om te zien. En dat sterkt mij in mijn ambitie.”

Ze besluit: “Mijn ideaalbeeld wat de TOP Academie betreft? Dat iedere leerling die binnenkomt met een baan weer naar buiten gaat. Ja, een uitdaging van formaat. Eentje waar je als team aan toe moet zijn. Maar ik kan zonder twijfel zeggen: dat is bij HPC het geval!” HPC maakt dan ook flinke stappen om de ambitie van de directrice te verwezenlijken. En totdat haar doel bereikt is, blijft ze nieuwe dingen uitproberen. “Ik wil bijvoorbeeld wat actiever gaan bemiddelen qua werkplekken; onderzoeken of wij nog partijen kennen die opgeleide leerlingen op kunnen vangen als er ergens anders geen plek voor ze beschikbaar is. Want ook dat draagt bij aan mijn uiteindelijke doel. Samen komen we een heel eind.”